Blogs en tips

Let op: Dit bericht is verouderd en het kan zijn dat er onjuiste informatie in staat. Twijfelt u? Bel ons gerust 030-7525757

Op 1 mei 2016 houdt de Verklaring Arbeidsrelatie op te bestaan. In de VAR legt de Belastingdienst de aard van de arbeidsrelatie tussen een opdrachtgever en een opdrachtnemer vast. Hiermee is het voor de opdrachtgever duidelijk of er premies en belasting moeten worden ingehouden en betaald. Er zijn verschillende soorten verklaringen: de VAR-loon (als het loon uit dienstbetrekking betreft), de VAR-row (resultaat uit overige werkzaamheden), de VAR-wuo (winst uit onderneming) en de VAR-dga (inkomsten uit werkzaamheden voor rekening en risico van uw vennootschap). Momenteel komt het voor dat zzp’ers, ongeacht hun VAR, feitelijk in dienst zijn van de opdrachtgever, het zogenoemde verkapte loondienstverband. Daar wil het kabinet een einde aan maken.

Het oorspronkelijke voorstel was de BGL, Beschikking Geen Loonheffing. Hiervoor zouden opdrachtgever en opdrachtnemer samen vragen van een webmodule moeten beantwoorden. Op basis van die antwoorden zou dan bepaald worden wat de aard van de relatie tussen beide zou zijn. Op de BGL kwam echter veel kritiek. Dit plan werd gezien als te arbeidsintensief voor zowel opdrachtnemer als opdrachtgever, en er zou vooraf geen duidelijkheid zijn over de manier waarop de opdrachtnemer ingehuurd zou kunnen worden. In plaats van de BGL is er nu de wet DBA, Deregulering beoordeling arbeidsrelaties . De VAR wordt hiermee vervangen door nieuwe model- of voorbeeldovereenkomsten. Een VAR uit 2014 of 2015 blijft deze geldig tot 1 mei 2016 indien er niets veranderd is in de arbeidsrelatie en werkzaamheden.

Verschillende soorten overeenkomsten
De nieuwe overeenkomsten die de VAR vervangen, zijn te vinden op de internetsite van de Belastingdienst. Er zijn drie verschillende soorten overeenkomsten. Allereerst zijn er de algemene modelovereenkomsten. Deze worden door de Belastingdienst opgesteld in samenwerking met externe organisaties, of door deze partijen opgesteld en aan de Belastingdienst aangeboden. De overeenkomsten zijn onafhankelijk van beroepsgroep of branche en aard van de werkzaamheden.

Dan zijn er de voorbeeldovereenkomsten voor branches en beroepsgroepen. Deze zijn door branche- en belangenorganisaties ontworpen voor een bepaalde branche of beroepsgroep, zoals de naam aangeeft. Eenieder die werkt volgens de voorwaarden van die branche of beroepsgroep kan deze overeenkomsten gebruiken. Zij bevatten gemarkeerde en ongemarkeerde artikelen. De gemarkeerde bevatten voorwaarden aan de hand waarvan bepaald wordt of er sprake is van een dienstbetrekking. De overige kunnen worden aangepast naar gelang de specifieke situatie, voor zover niet conflicterend met de gemarkeerde artikelen.

Het is ook mogelijk om zelf een overeenkomst op te stellen en deze door de Belastingdienst te laten beoordelen. Die bepaalt dan of door de opdrachtgever loonheffingen moeten worden ingehouden en betaald. Een eigen overeenkomst aan de Belastingdienst voorleggen is niet verplicht, maar geeft de opdrachtgever wel vooraf duidelijkheid over het al dan niet betalen van loonheffingen. Individuele overeenkomsten kunnen ook gepubliceerd worden op de webpagina van de Belastingdienst. Het is dus verstandig eerst te kijken of er al een toepasbare overeenkomst te downloaden is. Er verschijnen regelmatig nieuwe overeenkomsten op de site.

Wie zelf een overeenkomst wil laten beoordelen door de Belastingdienst, kan deze naar alternatiefvar@belastingdienst.nl e-mailen. In de overeenkomst of in de begeleidende e-mail moeten de volgende gegevens staan:

  • de naam van de organisatie die de overeenkomst voorlegt;
  • de soort organisatie, zoals een brancheorganisatie, intermediair of belangengroep;
  • de contactgegevens (naam, adres, telefoonnummer, e-mailadres) van de contactpersoon van de organisatie;
  • indien het een opdrachtgever of opdrachtnemer betreft, het RSIN of BSN;
  • een verklaring of de overeenkomst voor één of meerdere opdrachtgevers is bedoeld;
  • een duidelijk en volledig overzicht van alle afspraken;
  • op welke werkzaamheden en werkomstandigheden de overeenkomst betrekking heeft;
  • welke specifieke regelgeving of certificeringseisen van toepassing zijn;
  • indien de overeenkomst door bemiddeling tot stand is gekomen, dient dit vermeld te worden.

Is er eenmaal een overeenkomst opgesteld, dan moeten de werkzaamheden uiteraard ook conform deze voorwaarden worden uitgevoerd. Is dit niet het geval, dan moet de opdrachtgever toch nog loonheffingen betalen. Voor de werknemersverzekeringen van de opdrachtnemer heeft dit echter geen consequenties.

Verschillen tussen VAR en overeenkomst
In tegenstelling tot de VAR, die ieder jaar opnieuw moest worden aangevraagd, blijft de overeenkomst vijf jaar geldig. Daarnaast is het gebruik van overeenkomsten veel sneller; met het aanvragen van een VAR was nogal eens veel tijd gemoeid, omdat de Belastingdienst die steeds moest controleren. Nu is het een kwestie van de overeenkomst downloaden en invullen, en de opdrachtnemer kan gelijk aan het werk. Was er in de oude situatie sprake van verkapte loondienst, dan was de opdrachtnemer hiervoor aansprakelijk. Nu is dit de verantwoordelijkheid van zowel opdrachtgever als opdrachtnemer; zij vullen immers samen de overeenkomst in.

Overgangsperiode
Om opdrachtgevers en opdrachtnemers de gelegenheid te geven hun administratie op de nieuwe manier van werken in te richten, is er een overgangsperiode tot 1 mei 2017. De Belastingdienst houdt gedurende deze tijd wel toezicht, maar neemt nog geen repressieve handhavingsmaatregelen. Overduidelijke fraude zal wel direct bestreden worden.